Boobytrap

Nederland is een mooi land: zee, dijken, polders, rivieren, weilanden, meren, dijken, polders, een enkel bos, dijken, polders en als je goed zoekt een heuvel. Toch veelal dijken en polders. Op zich is daar niets mis mee. Hier in West Friesland groeien we ermee op. De wind waait in deze regio meestal uit alle hoeken en gaten, dus het is allerminst saai te noemen. Mocht je toch op je fiets onverhoopt en enigszins wat indutten, dan hebben onze wegenbouwers en ANWB leuke verrassingen in petto. Boobytraps in allerlei soorten en maten. Uit het niets opdoemende verkeersheuvels met verkeersborden. Uitermate geschikt om jezelf en je carbon racer eromheen te vouwen. Ook leuk zijn spontane wegversmallingen meestal met een lichtelijk geaccidenteerd opwippertje met daarop een zwart wit paaltje. Als je als fietsers van salto's houdt.....Kortom scherp blijven is het devies. Deze categorie verkeershordes schaar ik graag onder de noemer passieve boobytrap. De oplettende lezer zal denken: dan zal ie ook wel met de actieve vorm komen. Dat, mijn waarde lezer, zal ik ook hieronder betogen.

De actieve boobytrap wordt onder drie subcategorieën verdeeld: de zondagsrijder, de forens en het testosteron. De eerste categorie is eigenlijk niet noemenswaardig. Uiteraard tref je ze op zondag, rijkunsten zijn op zijn minst twijfelachtig, vrouw ernaast en vooral om zich heen kijkend. Mijn oom in Australië heeft het over 'de oude man met het hoedje'. 


De tweede categorie is op zijn minst gevaarlijker. Ze zijn namelijk gestresst en hebben weinig of geen oog voor de zichzelf respecterende wielertoerist. Met deze types in discussie gaan heeft weinig zin. Onlangs sprak ik zo'n type aan op zijn weggedrag, nadat hij mij bijna in de berm had gereden. Of ik wel goed bij mijn hoofd was en niet kon oprotten naar het fietspad? Normaal gesproken rijd ik braaf op de door de overheid aangelegde fietspaden, maar deze asfaltstrook ontbrak simpelweg. Met piepende banden scheurde de forensende medemens weg.


De derde categorie is buitencategorie maar tevens hilarisch. Ze zijn namelijk karikaturen van zichzelf. Beeld je het volgende in: zwarte auto liefst van Duitse of vaag Aziatische makelij, petje op het hoofd dat na het 21ste levensjaar operatief verwijderd moet worden, linkerarm bovenop het stuur en zichzelf zo positionerend dat het lijkt alsof er een derde voorstoel in het midden van de zwarte bolide is geplaatst. Om het beeld te vervolmaken klinkt uit de overmate grote speakers een kneiterharde beat en naast de bestuurder een hoogblonde, kauwgomkauwende en leegkijkende vrouw. Deze rijdende boobytraps zijn gevaarlijk wegens een te hoog percentage testosteron. Ik had het dus kunnen weten toen ik in Kwadijk de wegobstakels en file omzeilde en deze categorie links inhaalde. De eer was snel aangetast, de pas werd me afgesneden, middelvinger door beiden opgestoken. De scheldpartij is me ontgaan door mijn eigen muziek. Lachend heb ik hen gelaten. Ik heb er immers weer een stukje aan over gehouden.



Primavera

'Primavera' schreef Iris dinsdagochtend op Facebook. Ik fronste even mijn wenkbrauwen: dat is toch pas de 21ste. Internet bood de oplossing: om 06:14 stond de zon recht boven de evenaar. Sinds 1896 de vroegste lente. Voor wielerliefhebbers was la Primavera zaterdag al begonnen: Milaan-San Remo met een verrassende winnaar in Simon Gerrans en een ijzersterke Cancellara.


Buiten is het ook lente, alhoewel ik na mijn eerste, in wielerkleding gehulde stappen, toch rechtsomkeert maak. Ietwat te koud. Warmere bovenkleding aangetrokken en ik ben op weg voor een lange duurrit.


In Monnickendam houd ik mijn eerste pitstop; benzinepomp om twee Marsen te scoren. Buiten sta ik de eerste op te peuzelen als een iemand mij aanspreekt: 'ik moet ook weer beginnen, niet koud', vraagt hij me. Ik kijk recht in het gezicht van cabaretier en televisiepresentator Rob Kamphues (of het moet wel een hele erge look en sound alike zijn). Ik stamel wat terug, beetje perplex dat een BN'er mij aanspreekt. Leuke open houding. Kan ik erg waarderen.


De wind staat na Monnickendam en met name bij het Kinselmeer vol in het gezicht. Ik wil mijn hartslag niet te veel laten oplopen, waardoor de snelheid tussen de 25 en 27 varieert. Bij Durgerdam ben ik grotendeels van de tegenwind verlost. Een tweede verrassing wacht mij. Op een houten weilandhekje zitten twee wielrenners, ervoor een fotograaf en helper met scherm. Overduidelijk een fotoshoot. Waarvoor? schiet door mijn hoofd. Een van de gefotografeerde wielrenners lijkt mij Thijs Zonneveld te zijn. Ex wielrenners, columnist en geestelijk vader van 'die berg komt er'. 


Parallel aan het Noordhollands kanaal bereik in Purmerend en geef mijn rit een vervolg aan hetzelfde kanaal. Ik wil tussen Purmerend en de brug over het kanaal een blok van 300 watt rijden. Ik zet expres wat laag in de wattage in om mezelf niet weer op te blazen. Hoe is het toch in vredesnaam mogelijk dat bergop 300 watt me relatief eenvoudig afgaat en op het vlakke met schuine tegenwind ik me het leplazarus moet trappen voor 300 watt? Na tien minuten geef ik de pijp weer aan Maarten en volmaak de 105 kilometer.

Tien keer Amerongse berg

Het leek me een leuk trainingsidee: 10 opeenvolgende keren de Amerongse berg beklimmen. Het was ook erg leuk! Ik neem me voor om in Ventoux ritme de Amerongse berg op te rijden. Het is erg lekker gegaan. Leuk om te constateren dat je na de vierde beklimming bijna elk paaltje aan de weg herkent en na de zesde keer exact weet waar je moet schakelen.


Prettig om te constateren dat mijn duurvermogen toeneemt. De tiende beklimming gaat met 340 watt gemiddeld, terwijl de eerste 336 watt is. Ook een prettige constatering is na de zoveelste beklimming de ademhaling steeds regelmatiger en aangenamer wordt en dat de benen het vele klimwerk goed verteren. Als laatste constateer ik dat een cadans tussen de 85 en 90 aangenaam is en tussen 80 en 85 ook nog fijn aanvoelt. Overigens heb ik op het steile deel van de Koerheuvel (tussen de 8 en 10%) de Ventoux cadans en snelheid ook kunnen testen. Kortom: een leerzame dag.

Het effect van wind op de prestatie

Wat een dag! Eindelijk heerlijk fietsweer. Prachtig mooi herfstachtige gele lichtinval over nevelig polderlandschap. Mijn doel voor vandaag is om kleine twee uur in D1 te trainen en daarvoor neem ik de route van de afgelopen twee tijdrittrainingen. De tijdritfiets heb ik in de schuur gelaten en rij op de gewone wegfiets. Er staat in tegenstelling tot de vorige keren minder wind en de temperatuur is vele malen aangenamer. 


Als ik langs het Noordhollands kanaal fiets constateer ik tot mijn verbazing een gemiddelde van 31 km/uur. Hoe is dit toch mogelijk? Vorige ritten reed ik met D2/D3 hartslagen en ontploften mijn benen bijna voor een schamele 2 kilometer sneller. Heeft de wind dan zo'n invloed op het resultaat? Ik besluit na de rit de getallen in te gaan duiken. Twee indexcijfers haal ik boven water: SH index (snelheid/hartslag) en NPH index (normalised power/hartslag).



HTM Snelheid NP S/H index NP/H index
15-mrt 144 32,1 223 78 54
9-mrt 157 33,3 258 74 58
1-mrt 152 33,4 233 77 54







De inspanningen van vandaag en 1 maart zijn nagenoeg gelijk. De absolute powerdistributie ligt 10 watt hoger, maar de lagere hartslag van vandaag maakt deze rit efficiënter. De absolute inspanning van 9 maart is veel hoger, maar heeft veel meer hartslagen gekost. De kracht is niet evenredig aan de snelheid concludeer ik. De 58 NP/H en de 258 watt betekent veel hogere inspanning en zou normaal gesproken tot een hogere snelheid leiden. Deze theorie klopt echter niet. Naast de weersomstandigheden bestaat de theorie van de kattenstaart van de Italiaanse sportarts Conconi. In eerste instantie loopt de snelheid en kracht evenredig aan de hartslag op. Op een zeker moment buigt de lijn van snelheid/kracht af, terwijl de hartslag nog doorloopt. Dat is het moment van de inefficiënte inspanning. Veel training in deze hoge zone doet de afbuiging mijns inziens op een later moment afbuigen. 


Ingewisseld

Mijn vaste kompanen van de afgelopen maanden, vader en zoon Van Driel, heb ik vandaag ingewisseld voor dochter en jongste zoon. Met Dimara en Sylvano heb ik bij de schouwburg afgesproken. 

Na afloop van de middagpauze, Sylvano zit in mijn klas, schijnt de zon uitbundig en spreken we af om een ritje te maken. Helaas heeft de nawinterse zon plaatsgemaakt voor een dik grijs wolkendek en is het verre van warm. We maken een mooi ritje langs de IJsselmeerdijk naar Edam om via Middelie en Oosthuizen in Hoorn terug te keren. Ook deze rit is Ventoux voorbereiding; Dimara en Sylvano willen ook de berg der bergen op! Mijn vermoeide benen heb ik ingewisseld voor een frisser paar. Herstelritten doen wonderen!

Blik op de week

Het trainingsritme zit er weer goed in. Deze week drie keer getraind: 232 km en 7u45. Afgelopen dinsdag ben ik naar Doorwerth afgereisd om via de Italiaanse weg, Arnhem naar het trio Emmapyramide, Zyperberg en Posbank te rijden om deze drie Arnhemse cols van beide kanten te beklimmen. Mooie rit, wel wat koud en ondanks de voorspelling van zon redelijk bewolkt. Aan het einde van de rit was ik behoorlijk uitgepierd.


Vrijdag weer op de tijdritfiets getraind. Kleine twee uur met flinke wind tegen. Langs het Noordhollands plan ik een blok van 20 minuten, maar na een dikke dertien ontploffen de benen. Deze rit is een kopie van een ruime week eerder. Ik ben een halve minuut trager dan vorige week, maar de intensiviteit ligt 20 watt hoger. De windomstandigheden spelen wat tegen, concludeer ik na afloop.


Zaterdag rijden Danilo en ik een aangepaste Ronde van Noord-Holland. Het parcours pakken we in Limmen op om vervolgens via Bergen in Schoorldam uit te komen. Ik verbaas me over de wegaanpassingen nabij de brug over het Noordhollands kanaal. Dat is sterk veranderd en verbeterd. Met een straffe wind in de rug arriveren met exact 100 kilometer op de teller in Hoorn. Heerlijk duurrit met flink wat zon. De lente is in het land. Dag winter!



Strade bianche 2012

Schitterend! Wat een koers! Spectaculair en dat landschap....blij dat ik er in mei weer mag gaan trainen. Een heerlijk uur voor de televisie gezeten, genieten met een fantastische Cancellara als winnaar. Dat deze koers maar snel World Tour mag worden. Het heeft alles: klim, slechte wegen en een pracht van een erelijst.

Saillant detail: waar de Beer van Bern de beslissende demarrage plaatste reed ik vorige zomer lek! Eerst die gevaarlijke afdaling en dan een Keutenberg achtige strade klim.
De beslissende helling!

Montepaschi Strade Bianche-Eroica Toscane

Kijktip voor alle wielerfans en Toscane liefhebbers: om 14:40 op België 1 een rechtstreeks verslag van deze nieuwe klassieker over deels onverharde strade bianche in Toscane met finish in het hartje van Siena op de Piazza del Campo. Montepaschi Strade Bianche-Eroica Toscane wordt ook wel de Parijs-Roubaix van het zuiden genoemd en staat op het punt om in de toekomst een echte klassieker te worden. De koers wordt sinds 2007 verreden en kent enkele grote namen als winnaars:
2007: Kolobnev
2008: Cancellara
2009: Lövkvist
2010: Iglinsky
2011: Gilbert

Cancellara primus in 2008 op het Piazza in Siena
De wedstrijd werd in 1997 voor het eerst georganiseerd voor amateurs. In 2007 werd de koers voor het eerst door profs verreden en sindsdien maakt de koers deel uit van de UCI Europe Tour en heeft in deze competitie een 1.1-status. De circa 190 kilometer lange wedstrijd wordt verreden in de regio Toscane met als startplaats Gaiole in Chianti en de finish is op het beroemde Piazza del Campo in Siena

Monte Paschi is de naam van de sponsor, de Banca De Monte Paschi di Sienna. Eroica is Italiaans voor heroïsch. De koers is opgezet om zich te onderscheiden van de gangbare koersen en in het parcours bevinden zich over zo'n 70 kilometer tal van stroken onverharde grindwegen, de zogenaamde Strade Bianche. (bron: Wikipedia)



Utrechtse heuvelrug

We verlaten een mistig Hoorn. Heb ik wel de juiste kleding bij me? Regenjas? De weersvoorspelling is toch redelijk gunstig. Samen met Danilo en Erik ga ik op de Utrechtse heuvelrug trainen: eerste deel van Veenendaal-Veenendaal van 7 april aanstaande verkennen. In Veenendaal aangekomen is het tien graden, heel wat aangenamer dan de 3 graden in Hoorn. De zon breekt voorzichtig door als we de eerste klim aandoen: de Amerongse berg. Vervolgens de Defensieweg, Koerheuvel en via de Gelderse vallei de Grebbeberg. Ik word erg lacherig van die Nederlandse namen: vallei en berg. Ik wed dat men in het buitenland ook in een deuk om onze naamgevingen ligt.


Rhenen
In Rhenen nemen we nogmaals de Koerheuvel. De sprint trek ik voor Danilo aan. Halverwege neemt hij over, ik haak aan, blik op het achterwiel en daar is ie weer: de cilindervisie. Bij een hele heftige inspanning lijkt de hele omgeving weg te vallen en zich te beperken tot een cirkel met meestal daarin asfalt of zoals nu een achterwiel.


Via de Defensieweg komen we weer bij de Amerongse berg aan. Deze beklimmen Danilo en ik in Ventoux- state. Zo slecht ik me het afgelopen half uur voelde, zo heerlijk voel ik me nu. Aangename temperatuur, goede ademhaling en in cadans klimmen we gezamenlijk vier keer omhoog. Danilo heeft zich overigens weer enorm verbeterd. Ik ben reuze benieuwd hoe hij het dit jaar in de wedstrijden gaat doen.

Tijdritdebuut

Vers van de pers....zondag een 'nieuwe' tweedehands Madone 5.2 aangeschaft en vandaag met eveneens nieuw Bontrager tijdritstuur uitgeprobeerd! Bij vertrek steek ik een set inbussleutels bij me om tijdens de rit de houding op het ligstuur mogelijk aan te passen. Tweemaal ben ik voor kleine aanpassingen gestopt. Gevoel de goede houding te hebben gevonden. Het is wel ongelofelijk wennen aan de nieuwe zit. Bovenbenen voelen heel anders aan, last van schouders. De kick van de hogere snelheid en de rustige lighouding is echter geweldig. Ik verwacht nog veel tijdritkilometers te gaan maken. Het doel daarbij is om voor lange duur in hoge hartslag en wattagezone te trainen om in mei de tijdrit op de Ventoux goed te verteren. 


Garmin





Voerstreek

De eerste 100 kilometers van 2012 zijn een feit. Rond tien uur, enigszins prettig beneveld van de vorige avond, parkeer ik de auto in de parel van het Mergelland: Slenaken. Koud en vochtig is het buiten. Snel de wielen monteren, want ik sta te popelen om te gaan trainen. 

Thuis heb ik een route door de Voerstreek en Zuid-Limburg uitgestippeld. Afgelopen jaren heb ik frequent in de Voerstreek getraind. Dit gebied kenmerkt zich door verlaten weggetjes, mooie vergezichten, pittoreske dorpjes en vele landbouw en bospercelen. De klims zijn over het algemeen langer en wat geleidelijker dan in Zuid-Limburg. Een aantal klimmetjes heb ik het parcours van vandaag opgenomen onder meer Les Waides: een steile klim uit de ter ziele gegane Steven Rooks Classic. 

De Loorberg is de eerste klim van de dag. Heerlijke klim om goed warm op te draaien. Daarna volgt de wat gevaarlijke en tevens slechte afdaling van de Givelderweg en bevind me in het land van onze zuiderburen. Via de Côte de Hagelstein, Aubel en de Val Dieu kom ik bij Les Waides aan. Het steile stuk verteer ik op een klein verzet opmerkelijk goed. Toch merk ik dat de benen niet geweldig zijn. Daarom besluit ik de geplande intensieve blokken te schrappen en me vooral te richten op het uitrijden van de tocht. Duurrit dus! Bovendien verschafte het D3 blok van zaterdag mij genoeg informatie: 10 minuten 334 watt is een vooruitgang van 10% vergeleken met dezelfde test twee maanden geleden.


De afdaling van de Kasteelstraat voorbij Teuven is het laatste stuk België. Een klein stukje Amstel Gold Race volgt tot op de Camerig. Waar de toerversie van de Amstel halverwege de beklimming rechtdoor gaat, sla ik linksaf en klim via de weinige haarspeldbochten die Nederland rijk is omhoog. Achtereenvolgens de Wolfhaag, Vaalserberg en het Vijlenerbos arriveer ik in Vijlen. Het is het hoogstgelegen dorp van Nederland op 200m NAP. De kenmerkende kerktoren is daarmee ook de hoogstgelegen. De top van de toren ligt op 242m NAP.


De lange klims liggen achter me. Wat rest zijn twee kuitenbijters van formaat: Kruisberg en de Eyserbosweg. Het sap is inmiddels volledig uit de benen verdwenen. Opmerkelijk genoeg komt mijn hartslag nog wel redelijk hoog. De afsluitende klim is een favoriet: Schweiberg. De wind staat vol op mijn kop. Uitgeput ben ik blij dat het klimmen erop zit. De afdaling van de Loorberg is gelijk de hele rit heerlijk. 107 kilometer. 

1 graad verschil

Wat ben ik blij dat die witte meuk weg is. Sneeuw is leuk voor kind en slee, maar niet om door te fietsen. Vandaag heb ik het plan opgevat om de weg weer eens op te zoeken in plaats van in de warme woonkamer te Tacxiën. Ik zou dan alleen nog even de buitenbanden moeten verwisselen. Afgelopen weken train ik namelijk met de PowerTap wiel en Tacx buitenband op de Bushido. Heb echter weinig goesting om het zooitje te verwisselen, dus de Trek op de Tacx geplaatst: d3 training. Tien minuten opwarmen op de Madeleine en overschakelen naar Bédoin. Tot aan de bocht bij St. Esteve train ik de d2 zone om vervolgens in het bos de hartslag in d3 zone te brengen. Goed op de ademhaling lettend loer ik naar de enige haarspeldbocht op de Ventoux. Op deze plek heb ik mezelf rust tot aan Chalet Reynard beloofd. Wat duurt dat lang....waar blijft die vervloekte bocht? Dat kan nog wat worden in mei. Na een dikke 10 minuten is ie er eindelijk. De druk van de benen af en peddelen tot aan het chalet. Daarna nog een intensief stuk tot aan de top. Bij het monument Tommy Simpson groet, gelijk aan Eddy Merckx, de overleden wielrenner. Ik kan me nog goed herinneren dat bij mijn eerste Ventoux beklimming ik daar daadwerkelijk ontroerd raakte. De laatste stijgende kilometer geef ik nog wat gas en ben boven. Vervolgens stort ik me in de heerlijke afdaling om uit te rijden. Een blik op de thermostaat achter mij leert me dat de temperatuur in de woning door al mijn geploeter en gezweet met een graad is gestegen . Toch zo'n 54 kuub woonruimte op natuurlijke wijze opgewarmd. Wat je allemaal niet doet voor het milieu....

Ventoux ‘ieder zijn top’

Op 6 november berichtte ik om binnen afzienbare tijd mijn plan voor 2012 te ontvouwen. Op zaterdag 19 mei ga ik met een aantal fietsvrienden de Mont Ventoux in Zuid Frankrijk beklimmen. Het doel is om geld in te zamelen voor de Nadine Foundation. Mijn persoonlijke doel is om drie keer de mythische col vanuit Bédoin te beklimmen. In het zijkader vindt u meer informatie en updates over de foundation en hoe ze en mij te steunen.

Enkelen van mijn volgers hadden al enig vermoeden gezien de Ventoux achtergrond op mijn blog. Het thema van deze dag is ‘ieder zijn top’. Hardlopen, mountainbike, een combinatie van beiden, racefiets, één keer, twee keer of meerdere keren: een ieder kiest zijn doel. Overeenkomstig zullen we de beklimming vanuit Bédoin doen. Voor de kenners: de klassieke zware kant. Persoonlijk vind ik de beklimming vanuit Malaucène weinig hiervoor onderdoen, maar de Ventoux mythe is nu eenmaal vanuit Bédoin geboren. 


De beklimming van deze zijde van de  Ventoux bestaat eigenlijk uit drie delen. Als eerste rij je door een vals plat met wijngaarden en door kleine slaperige gehuchtjes. Parallel aan de top klim je met een gemiddelde van 4,6% naar het dorpje Saint Estève. Hier draait de weg richting top en rij je tegen een muur van 10% aan. Het beroemde bos is begonnen. Negen kilometer met slechts één haarspeldbocht tegen een gemiddelde van 9,3%! Rond Chalet Reynard kan je even op adem komen om het klimfeest door het maandlandschap te vervolmaken. Je ontmoet vier tegenstanders: de hitte, de wind, de stijgingspercentages en jezelf! Zes kilometer á 8% gemiddeld. Vlak voor de top passeer je het monument ter nagedachtenis van de op de Ventoux overleden wielrenner Tommy Simpson in 1967. Het klapstuk van de beklimming is de zwaarste laatste kilometer van 11%. Bij het observatorium zit de beklimming erop. Op je kilometerteller staat 21 km, 1614 hm, 7,7% met een hoge hartslag.



De eerste keer dat ik de Ventoux beklom was in het jaar 2004. Indertijd heb ik een verslag geschreven dat ook op mijn blog te vinden is: mijn Ventoux 2004. De Ventoux en haar omgeving is voor mij een jeugdsentiment. Vandaar deze beklimming op 19 mei.

Komende maanden besteed ik via dit medium meer aandacht aan de Ventoux, haar geschiedenis en omgeving. Een uitstekende site is
www.dekaleberg.nl. Hier vind je alles wat je wilt weten over deze mythische col.

Om in de stemming te komen: Armstrong en Pantani op de Ventoux in het jaar 2000. Geniet!